Geel, oranje, rood

Leuke tweets vanmorgen heen en weer tussen een paar weercollega’s. Het begon allemaal met een plaatje dat RTL collega Helga van Leur twitterde. Daarbij merkte zij terecht op dat er helemaal geen weeralarm was geweest. De cartoon werd zo dus opeens een heel stuk minder grappig.

;-) Best jammer dat er geen weeralarm was RT @ http://t.co/csnoojgU @ @ @ @ @
@helgavanleur

Desalniettemin legt de cartoon een probleem bloot waarover verschillende weermensen nog even doorgingen op twitter en hun vraagtekens zetten bij de huidige waarschuwingsmethodiek. Hoe zit het het nu precies? We kennen in Nederland drie niverau’s van waarschuwingen. Die worden door het KNMI uitgegeven:

  • Een waarschuwing (geel)
  • Een waarschuwing voor extreem weer (oranje)
  • Een weeralarm (rood)

Om met de laatste te beginnen. Die komt zelden voor. Het laatste weeralarm is van 13 februari 2012 toen er op uitgebreide schaal ijzel was in de late nacht en ochtend. In 2011 is er GEEN enkel weeralarm uitgegeven.

@ @ @ Code geel trappen de mensen ook niet meer in, wordt 70% van het hele jaar uitgegeven.
@edaldus

Code geel komt heel vaak voor. Collega Ed Aldus schatte dat zo’n zeventig procent van de dagen van het jaar er wel (even) een code geel is. Een mistbank, glad door bevriezing van natte weggedeelten, een stevige bui, het is allemaal code geel.

@ @ @ Terug naar zoals we begonnen: Alleen voorwaarschuwing (oranje?) en Weeralarm, meer niet.
@MeteomanTB

Wat mij betreft is code geel informatief maar moet er in de media geen grote ruchtbaarheid aan gegeven worden. Code geel voor een winterse bui moet niet in chocolade letters op de voorpagina van een nieuwswebsite staan om maar iets te noemen. Laat de weerman en weervrouw dat lekker vertellen op radio, tv of de weermedewerker op zijn weerpagina. Op de radio zeg ik altijd tegen de presentator van dienst, code geel noemen we niet we zeggen gewoon er is kans op een mistbank.

@ Mijn ervaring is dat code oranje onder de bevolking wordt begrepen als een weeralarm.
@edaldus

Code oranje komt een paar keer per jaar voor en wordt vaak verward met een weeralarm. Dat komt waarschijnlijk door de naamgeving (extreem) en het ‘gebrek’ aan weeralarmen. Ik moet wel zeggen dat ik de media wel de juiste termen zie gebruiken tegenwoordig. Op de websites staat keurig ‘Waarschuwing voor extreem weer’ maar voor het publiek is het waarschijnlijk toch te ingewikkeld.

Moet de regelgeving nu weer op de schop? Misschien wel. Maar wat de juiste oplossing is vind ik moeilijk te zeggen. Zeker in de huidige tijd waar iedereen zich met het weer kan bemoeien en via social media van alles roept, juist of onjuist. Door die golf van informatie wordt het publiek geïnformeerd en dat interpreteert er op los. Helder voor iedereen is het waarschijnlijk nooit meer te maken.

Als ik dan toch even hardop denk: Vanaf het begin ben ik niet blij geweest met de term code geel in de media. Die zou van mij afgeschaft mogen worden. Waarschuw vooral voor mist, gladheid, een windstoot en een bui maar doe dat zonder kleurvermelding in de media.

Heroverweeg ook de naamgeving van ‘waarschuwing voor extreem weer’. Vooral de term extreem is onduidelijk bij het publiek en wordt door de leek snel verward met een weeralarm. Misschien moet je naar weerfases gaan. Fase 1 (Waarschuwingsfase zwaar weer (nieuw) Geel) die opgeschaald kan worden naar Fase 2 (Alarmfase zwaar weer Rood). Maar eerlijk, precies weet ik het ook niet. Een nieuwe discussie zou misschien eens opgestart moeten worden met de verschillende instanties.

Het categoriseren van weerwaarschuwingen is een lastig iets. Overal in de wereld worden waarschuwingsmodellen gemaakt en aangepast. Volgend jaar gaat bijvoorbeeld een nieuwe methode in werking voor het waarschuwen van orkanen die aan land komen in de VS. De orkaan Sandy die als tropische storm aan land kwam is daar de directe aanleiding voor geweest.

Het probleem blijft altijd hoe bereik je een zo’n groot mogelijk publiek op een duidelijke manier en voorkom je dat het cynisch wordt en waarschuwingen in de wind slaat. Eigenlijk zou dat op de middelbare school moeten beginnen. Leg de methodiek uit en voorkom verwarring. Om nog maar eens duidelijkheid te verschaffen kan hier rechts de folder van het KNMI worden gedownload waarin de huidige waarschuwingsmethodiek helder uit de doeken wordt gedaan (klik op plaatje). Misschien wel verplichte kost tijdens een aardrijkskunde les op de middelbare school. Zeker ook met het oog op het veranderende klimaat en de toename van meer extreme weersituaties.

The Great Storm 1987

De weerkaart van die ochtend

Veel bomen sneuvelden. Foto Tony Murphy.

Overzicht van de staat van de bossen na de storm

Het is dinsdag 25 jaar geleden dat Groot Brittannië geteisterd werd door The Great Storm. De storm die in de nacht van 15 op 16 oktober plaats vond was de zwaarste storm die het Verenigd Koninkrijk had gehad sinds 1703. Er vielen in totaal 18 doden en dat aantal was waarschijnlijk een stuk hoger geweest als de storm overdag zijn piek had gehad.

De kracht van de storm was ongelooflijk. Er werd geruime tijd orkaankracht gemeten (windkracht 11 tot 12) en windstoten van 130 km per uur waren geen uitzondering. De storm zou heel veel schade aanrichten aan de bossen en het dagelijks leven was de ochtend van de 16e volledig ontregeld in het zuidoosten van Groot Brittannië. Miljoenen bomen gingen verloren. Engeland werd het meest getroffen. Straten en spoorlijnen waren onbegaanbaar geworden door bomen die overal de doorgang versperden. In de late nacht en ochtend was een groot deel van het land zonder stroom en telefonie en ook de hoofdstad Londen kende vele problemen.

Naast de enorme kracht die de storm had was er nog iets opvallends. De storm was in deze omvang niet verwacht! Zelfs de avond voor de storm (15 oktober) zeiden meteorologen op TV dat het weliswaar slecht weer zou worden en dat er vooral veel regen zou gaan vallen maar de wind werd niet als een factor benoemd. Het kon stevig gaan waaien maar de hardste wind zou over Frankrijk en Spanje trekken. Opvallend was wel dat een aantal dagen daarvoor de storm wel werd benoemd. De computermodellen kwamen toen wel met het zware weer op de proppen. In latere runs zou de wind niet meer zo een rol spelen en dat werd door de meteorologen overgenomen. Hoe pijnlijk dat was zou snel blijken.

De dagen na de storm kreeg de UK Met Office een storm van kritiek te verduren. Duidelijk was dat de Britse weerdienst dingen moest gaan veranderen om het publiek beter te informeren. Zo werd er een nieuwe waarschuwingsmethodiek ingevoerd. Deze National Severe Weather Warning Service moest het publiek vooral tijdiger waarschuwen. In 2011 werd deze waarschuwingsdienst nog eens opgelapt en is nu aardig te vergelijken met de KNMI waarschuwingsprocedure van extreem weer en weeralarmen.

Terras in Londen daags na de storm

De Britse meteorologische dienst ging zich ook beter duiden in de verwachtingen voor wat betreft plaats en tijd. Ook de mate van onzekerheid in de verwachting moest beter bij het publiek worden overgebracht. Na de oktober storm kwamen er veel ingezonden brieven van mensen die zich stoorden aan het feit dat meteorologen altijd gebruik maakten van het woord ‘zal’ in plaats van termen als ‘mogelijk’ en ‘misschien’. Dat klinkt misschien gek want ‘zal’ is natuurlijk veel meer uitgesproken maar aan de andere kant geeft het geen ruimte voor andere mogelijkheden. The Independent schreef kort na de storm het volgende in een redactioneel artikel (vrij vertaald):

‘Het publiek bestaat niet uit dwazen. Zij zullen altijd de mening van een expert respecteren ook al is hij onzeker over een verwachting. Als die onzekerheid maar wordt uitgelegd. Daarnaast zou het prettig zijn als er een mate van onzekerheid wordt meegeven waardoor mensen zelf hun plan kunnen trekken wat te doen.’

Ondertussen werd er meer tijd gestopt in het sneller ontwikkelen van verwachtingsmodellen. Vooral het toevoegen van een fijner rooster (meer rekenpunten) kreeg voorrang. De snelle ontwikkeling van krachtige computers was daarbij een prettige bijkomstigheid.

Het Verenigd Koninkrijk heeft na 1987 nog met diverse stormen te maken gehad. In 1990 bijvoorbeeld toen er op 16 januari overdag een storm overtrok met gelijkwaardige kracht en aan bijna honderd mensen het leven kostte waaronder veel kinderen.

Michael Fish

Michael Fish wordt tot op de dag van vandaag herinnerd aan die oktobernacht. Fish was de televisiemeteoroloog bij de BBC en benoemde de storm niet. Sterker, hij zei in zijn uitzending:
‘Earlier on today, apparently, a woman rang the BBC and said she heard there was a hurricane on the way… well, if you’re watching, don’t worry, there isn’t!’ Later werd de bellende vrouw ontkend door de BBC maar een mini documentaire jaren later suggereerde dat er wel degelijk een mevrouw was die gebeld had (zie hieronder).

Fish is overigens nog steeds een gerespecteerd meteoroloog die ook na zijn pensioen nog vaak op TV voorbij komt. In 2007, 20 jaar na de storm heeft hij een week lang het weer op TV gepresenteerd. Fish zei wel eens dat als hij een penny had gekregen voor iedere keer dat zijn verwachting van die avond genoemd zou zijn, hij nu multi-miljonair zou zijn. 25 jaar later, voor het jublieum, herstelde hij zijn verwachting op een geweldige manier.

BBC Beelden van de storm:

Bronnen: Youtube, BBC en Weather (RMets) oktober 2012